De taal van GuardPilot.
Geen jargon om te imponeren, wel exacte woorden om iets exact te bedoelen. Op deze pagina staan de termen die op de rest van de site terugkomen — kort en concreet uitgelegd.
01
Kern
De basis-woorden. Als deze niet kloppen, klopt de rest ook niet.
- Agent
- Autonome softwarewerker met één afgebakende taak, gebonden aan een set regels en een model. Onze productie draait 27 agents (20 kern + 7 sub).
- Signaal
- Waarneming door een agent, mét onderbouwing en bewijsspoor. Geen alert; een beslisbare vraag aan een mens.
- Kenniscirkel
- De sluis waarin bevindingen terugvloeien naar de kennisbank, zodat de volgende iteratie slimmer start. Geen doodlopende alerts.
- Machinekamer
- De niet-publieke bestuurdersomgeving waar signalen, beslissingen en agents beheerd worden. Hier woont het werk.
02
Kwaliteit & controle
De regels die voorkomen dat een agent zomaar wat roept.
- Vier-ogen-principe· dual-model
- Twee onafhankelijke modellen moeten het eens zijn voordat een signaal doorgaat. Verschillen ze, dan escaleert de zaak — nooit stilzwijgend.
- Kwaliteitspoort
- Vaste controle op een data-artefact voor het verder mag: schema-check, volledigheid, referentie-integriteit. Geen poort, geen doorgang.
- Gestructureerde output
- Modeluitvoer wordt afgedwongen naar een strikt schema (JSON, velden, types). Geen vrije-tekst-verrassingen in productie.
- Postkamer
- Interne router die elk bericht met een bestemmingsplicht op weg stuurt: welke agent, welke actie, welke prioriteit. Niets blijft liggen.
03
Data & kennis
Waar de agents op redeneren, en hoe die grond stevig blijft.
- Collectie
- Logisch afgebakende dataset (bijv. contracten, uren, facturen) waar één of meer agents op werken. Zeven collecties in productie.
- Kennisgraaf
- Verbindingslaag tussen entiteiten (klant, contract, object, factuur, medewerker). Zonder graaf: alleen losse regels.
- Kennisbank
- De geconsolideerde bron van waarheid: contracten, sideletters, calculatieregels, escalatieregels. Voedt élke agent.
- Live databron
- Directe koppeling naar het bronsysteem (facturatie, HR, urenregistratie). Geen dagelijkse dump; wat vandaag gebeurt is vandaag zichtbaar.
04
Modellen & laagjes
Welk model doet wat — en waarom niet alles door één model gaat.
- Triage & bulk
- Snel, goedkoop model dat grote volumes classificeert en filtert. Wat er niet toe doet, komt hier niet doorheen.
- Analyse
- Mid-range model dat context leest, uitzonderingen herkent en bewijs opbouwt. Werkt met de kennisbank.
- Synthese
- Strategische toplaag (Claude, Anthropic's zwaarste model) die het eindoordeel formuleert, contradicties toetst, en de vraag aan de mens redigeert.
- Zes-lagen-architectuur
- Van ruwe bron tot beslissing: ingest, structureer, verrijk, analyseer, synthetiseer, beslis. Elke laag is een aparte kwaliteitspoort.
05
Denkmodel & controle
Hoe het systeem denkt, waarom het zwijgt als het stil is, en wie beslist als het spreekt.
- Denklaag
- Een stuk domeinkennis, omgezet naar code, dat elke nacht op elke klant een gemeten, neutraal feit toevoegt. Meten, oordelen niet — het oordeel komt later, en van een mens.
- Eliminatieladder
- De reeks onschuldstoetsen die elke bevinding doorloopt: verklaart het contract het, is het een duplicaat of tegenboeking, een normaal periodiek ritme, is de klant gezond? Alleen het residu na afstreping wordt een vraag.
- Soevereine beslislaag
- De deterministische code die beslist óf er een vraag komt, waarover en met welke getallen. Het taalmodel levert uitsluitend de bewoording — faalt het, dan bouwt de code zelf een terugvalvraag.
- Gezond is stil
- Een klant zonder residu na eliminatie krijgt geen vraag. Stilte is een uitkomst met een vastgelegde reden — wie niets hoort, wéét dat het goed zit.
- Koppelingscontrole
- Het gemeten koppelingspercentage bij elke datalading: elke tabel die aan een andere wordt gekoppeld, krijgt een score. Onder de norm betekent stop en onderzoek — geen stille dataverliezen.
- Escalatietrap
- Het trapmodel bij uitblijvend antwoord: eerst een gecontroleerde herkansing, daarna een escalatievoorstel één niveau hoger in de lijn — tot aan de directie. Altijd een voorstel aan een mens, nooit een automatisch besluit.
- Dertien-periodensystematiek
- De branche-indeling van het jaar in dertien periodes van vier weken. Elke periodevergelijking in het systeem volgt deze systematiek — nooit twaalf maanden, want dan vergelijk je appels met peren.
- Terugvalvraag
- De deterministische vraag die de code zelf bouwt als het taalmodel zwijgt, afdwaalt of afbreekt — de keten valt nooit stil op een modelfout.
Term gemist?
Laat het weten — we vullen de begrippenlijst met wat cliënten daadwerkelijk vragen.